HOME  |  Bestuur & organisatie  |  Veelgestelde vragen en antwoorden rondom de begroting 2019

Veelgestelde vragen en antwoorden rondom de begroting 2019

  1. Belasting verhogen terwijl je nog 65 miljoen reserves hebt.  Dan hoef je de belastingen toch niet te verhogen?
  2. Wat is het verschil tussen een exploitatiebegroting, reserves en een investeringsplan?
  3. Hoe komt het dat we in een paar jaar tijd van 110 miljoen reserves zijn teruggegaan naar 65 miljoen?
  4. Waarom moeten de belastingen nu zo veel verhoogd worden?
  5. Is de inflatiecorrectie op de belastingen onvoldoende geweest dan?
  6. Waarom is er onvoldoende gespaard?
  7. Hoe zit het met de inkomsten vanuit het Rijk?
  8. Het onderhoud van de wegen? Daar betalen we toch motorrijtuigenbelasting voor. Is dat ook voor onze wegen in het dorp?
  9. Nu stelt het college voor de belastingen komende drie jaren te verhogen, zijn we er dan? Want we zullen toch weer moeten gaan sparen voor de toekomst, toch?
  10. Waarom is de begroting niet gemaakt in samenspraak met de inwoners van Ermelo?

  1. Belasting verhogen terwijl je nog 65 miljoen reserves hebt.  Dan hoef je de belastingen toch niet te verhogen?
    Zo eenvoudig ligt het niet. We gaan komende 4 jaar voor 86 miljoen investeren. Deze investeringsplannen liggen er; deels zijn deze al door de raad goedgekeurd, deels moet dat nog gebeuren. De gemeente is op 1 januari 1972 zelfstandig geworden en in de jaren daarna zijn er veel gebouwen neergezet. Het gemeentehuis, Calluna, De Dialoog en diverse scholen. Maar er is ook riolering aangelegd en er zijn wijken gebouwd.  En na 40 jaar is het nodige aan vervanging toe. Voor een deel is hier voor gespaard, maar voor een deel niet of onvoldoende.  Als je deze plannen allemaal wilt laten doorgaan, dan hebben we in 2022 nog 3,5 miljoen over van die 65 miljoen. Het is aan de raad om hierover te beslissen.
     
  2. Wat is het verschil tussen een exploitatiebegroting, reserves en een investeringsplan?
    Net als elk huishouden heeft de gemeente een huishoudboekje. De exploitatiebegroting. Daarin komen de inkomsten binnen en gaan betalingen eruit. Bijvoorbeeld belastingen erin en loonkosten voor het personeel eruit. He huishoudboekje moet dus jaarlijks allerlei uitgaven compenseren met inkomsten. Daarbij is de gemeente afhankelijk van het rijk.
    Daarnaast heeft de gemeente een spaarbankboekje, de reserves.  Tevens heeft de gemeente een investeringsplan, van zaken die de raad wil investeren of die wettelijk verplicht zijn. Een voorbeeld van zo’n wettelijke verplichtingen is onderwijshuisvesting.
    Na 40 jaar ben je verplicht een schoolgebouw te renoveren of nieuw te bouwen. Dat geld leen je (net als een hypotheek) en de kosten daarvan (rente, aflossing en afschrijving) komen ten laste van je huishoudboekje.  Dit betekent dus dat niet elke investering uit je reserves betaald hoeft te worden.
     
  3. Hoe komt het dat we in een paar jaar tijd van 110 miljoen reserves zijn teruggegaan naar 65 miljoen?
    Afgelopen jaar zijn er al een aantal investeringen gedaan, waaronder de Stationsstraat. Tevens zijn tekorten op de begroting gedekt met  de reserves. Maar als je genoeg op je spaarbankboekje hebt staan en dat is vrij besteedbaar, dan komt het bij de burger raar over als de belasting wel verhoogd zou worden.  De raad heeft daartoe besloten en daarom zijn de belastingen de afgelopen 9 jaar niet verhoogd.
     
  4. Waarom moeten de belastingen nu zo veel verhoogd worden?
    De gemeente heeft jarenlang de belastingen niet verhoogd (op inflatiecorrectie na); we hadden immers een reserve van 110 c.q. 65 miljoen, dus dat zou raar hebben geleken.  Hadden we de afgelopen 9 jaar de belastingen wel met 5% per jaar verhoogd (om alvast te sparen voor de toekomst), dan was deze ‘inhaalslag’ nu niet nodig geweest. 
     
  5. Is de inflatiecorrectie op de belastingen onvoldoende geweest dan?
    Het inflatiepercentage was gemiddeld 2,5%. De gemeente krijgt 54% van zijn inkomen van het rijk. Dit is de uitkering uit het gemeentefonds. Maar let op: het rijk is niet gek. Je krijgt o.a. een percentage van de totale WOZ-waarde binnen je gemeente als uitkering. Maar zegt het rijk: als jij minder OZB heft dan hoef je ook niet zoveel uitkering te hebben. Het gevolg van deze regel was dat de inflatiecorrectie van 2,5% slechts een 0,5%  invloed had op onze begroting. Dit zogeheten WOZ-gat verplicht de gemeente bijna om méér OZB  te heffen dan een gemeente misschien wel wil. En als je voldoende gespaard hebt hoef je niet zoveel te heffen. Maar minder uitkering en veel opnemen van het spaarbankboekje omdat je veel ambities hebt, leidt ertoe dat het spaarbankboekje een keer leeg is.
     
  6. Waarom is er onvoldoende gespaard?
    Voor een deel komt dit omdat men de vervangingswaarde van de historische kostprijs als uitgangspunt  heeft genomen (uitgaan van het feit dat wat het 40 jaar geleden heeft gekost nu weer de prijs zou zijn),  maar ook door de marktwerking van de laatste jaren en de nieuwe eisen rond duurzaamheid.  Een voorbeeld:  voor het zwembad EN de sporthal (deze laatste wordt nog wel eens vergeten) wordt 16 miljoen uit de reserves gehaald, maar kost 21 miljoen (althans dat is het voorstel van het college). Maar dan ben je er niet, want zo’n sportcomplex moet je onderhouden, kost veel personeel (veiligheid gebruiker) en je moet rente en afschrijving voor rekenen.  En dat komt ten laste van het huishoudboekje.
     
  7. Hoe zit het met de inkomsten vanuit het Rijk?
    Zoals je weet heeft het rijk de afgelopen jaren allerlei taken overgeheveld naar de gemeenten. Neem het Sociaal Domein. Maar daar deed het Rijk niet al het geld bij. Bijvoorbeeld Jeugdzorg: aan alle gemeenten werd in 2014 35 miljard toegekend, maar omdat het rijk denkt dat gemeenten dat veel goedkoper konden heeft het rijk dat  inmiddels afgebouwd naar rond de 27 miljard.  Maar de vraag naar jeugdzorg is alleen maar toegenomen, dus moest elke gemeente uit zijn eigen zak bijbetalen. Wij hadden daar als gemeente een paar jaar geleden al in voorzien door een extra reserve (spaarbankboekje) van bijna 3 miljoen hiervoor weg te zetten, maar inmiddels is dat volledig verbruikt.
    Ander voorbeeld zijn de precariorechten die we heffen van de nuts bedrijven. Ruim 1,3 mln per jaar. Het rijk vindt dat we dat niet meer mogen heffen vanaf 1 januari 2022, maar was wel een inkomstenbron waar we de komende jaren rekening mee hadden gehouden bij het doen van uitgaven.  We hebben daar onze uitgaven op ingericht, dus dat moet je nu compenseren met een verhoging van de OZB.  Ander voorbeeld is de politie. Daarop is door het rijk behoorlijk bezuinigd. Wil je als overheid toch de veiligheid en rechtszekerheid garanderen dan neem je BOA’s in dienst. Maar feitelijk betalen burgers zowel via de rijksbelastingen als gemeentelijke heffingen twee keer voor hun veiligheid en rechtszekerheid.  Maar neem ook de wet op de privacy wetgeving, de nieuwe omgevingswet en de snelle ontwikkelingen binnen de ICT en de uitgaven komen onder druk te staan. Van het rijk wordt ook verwacht dat gemeenten zich inzetten van duurzaamheid, klimaatneutraliteit etc maar doen er geen cent bij. 
     
  8. Het onderhoud van de wegen? Daar betalen we toch motorrijtuigenbelasting voor. Is dat ook voor onze wegen in het dorp?
    Nee. Dat is voor de rijks- en provinciale wegen. Onderhoud van onze lokale wegen moet uit het gemeentefonds (de gemeentelijke uitkering van het rijk) komen of via de OZB.
     
  9. Nu stelt het college voor de belastingen komende drie jaren te verhogen, zijn we er dan? Want we zullen toch weer moeten gaan sparen voor de toekomst, toch?
    Nee, dan zijn we er nog niet. Dan moeten we in 2022 nog een tekort dekken van 2,5 miljoen.  Daarover gaan we met de raad in gesprek. Er is wel een toevoeging.  Vanaf 2016 is er langzaam een kanteling gekomen in de begrotingssystematiek. Werd er voorheen pas begroot als het besluit in de raad was genomen, vanaf 2016 is dat meer toekomstgericht opgebouwd en dit college heeft dat met kracht voortgezet. De kadernota 2019 was eind mei nog voorzien van heel veel zogenaamde pro memorie posten. Dit zijn posten waar nog geen bedrag voor genoemd wordt omdat de plannen die daarbij horen nog niet zijn besloten in de raad. Nu hebben we ervoor gekozen om al onze plannen – besloten en nog niet besloten door de raad – te voorzien van een prijskaartje. Dit noemen we toekomst gericht begroten. Immers, het dorp wordt vernieuwd  voor de komende 40 jaar.
     
  10. Waarom is de begroting niet gemaakt in samenspraak met de inwoners van Ermelo?
    Helaas was daarvoor de tijd tekort. Het nieuwe college is begin april gestart. Eerst moest toen een coalitieakkoord opgesteld worden en daarnaast was ‘de winkel gewoon open’. Allerlei bestuurlijke beslissingen van zaken die doorliepen vanuit het vorige college moesten gelijk opgepakt worden, dat ligt niet stil. Door de wettelijke verplichting om de begroting op 15 november bij de provincie te hebben, moest e.e.a. intern klaar zijn begin september. Reken daar de vakantiemaanden juli en augustus nog bij en het mag duidelijk zijn dat er gewoonweg geen tijd was om dit traject samen met de inwoners op te pakken.